verse zeekomkommer
vandaag de dag


ouwe zeekomkommer
maart, 2010
december, 2009
november, 2009
oktober, 2009
september, 2009
augustus, 2009
juli, 2009
mei, 2009
april, 2009
februari, 2009
januari, 2009
december, 2008
november, 2008
oktober, 2008
september, 2008
augustus, 2008
juli, 2008
juni, 2008
mei, 2008
april, 2008
maart, 2008
februari, 2008
januari, 2008
december, 2007
november, 2007
oktober, 2007
september, 2007
augustus, 2007
juli, 2007
juni, 2007
mei, 2007
april, 2007
maart, 2007
februari, 2007
januari, 2007
december, 2006
november, 2006
oktober, 2006
september, 2006
augustus, 2006
juli, 2006
juni, 2006
mei, 2006
april, 2006
maart, 2006
februari, 2006
januari, 2006


stokouwe zeekomkommer
februari, 2006
januari, 2006
december, 2005
november, 2005
oktober, 2005
september, 2005
augustus, 2005
juli, 2005
juni, 2005
mei, 2005
april, 2005
maart, 2005
februari, 2005
januari, 2005
december, 2004
november, 2004
oktober, 2004
september, 2004
augustus, 2004
juli, 2004
juni, 2004
mei, 2004
april, 2004
maart, 2004
februari, 2004
januari, 2004
 
image

In de spiegel daarentegen probeer ik altijd zo klein mogelijk te lijken.
De laatste tijd kost dat wat extra moeite.
Sommige mensen worden mager van verdriet.
Maar ik ben natuurlijk weer zo iemand die er dik van word.
Of eigenlijk. Ik krijg er trek van.
In zoetigheid vooral.

Dat platte buikje waarmee ik in 2006 nog zo fijn in de pluspunten stond te showen is nu een balletje geworden. Het is een balletje waar ik uitstekend mee uit de voeten kan, maar dat ik, ijdel als ik ben, toch liever plat zie.

Een paar weken geleden was het nog voldoende om mijn buik wat extra in te trekken om het gewenste resultaat te krijgen. Vandaag moest ik behalve dat ook een beetje manouvreren met de afstand.
Vreemd genoeg valt het balletje niet op als ik heel dichtbij mijn spiegelbeeld ga staan. Misschien doet het gebrek aan afstand iets met mijn gevoel voor maat.
Dat lijkt me heel goed mogelijk.
Ja, nu ik erover nadenk lijkt het me zelfs algemeen geldig. Wanneer je ergens met je neus bovenop zit verlies je je gevoel voor proportie.

Op ruim twee meter afstand is mijn buik echter precies op maat. Dus als je mij tegenkomt en ik hou een beetje afstand, of ik kom juist belachelijk dichtbij, dan weet je nu waarom....


| Anneke | 28-07-2007 | 17 reacties |




image

Behalve enige tienduizenden andere voordelen van een zonnige zomer is dit een zeer gemiste.
Als de zon schijnt kan je schaduw maken.
Schaduw is goed.
Misschien zelfs beter dan reflectie.
Reflectie is ook fijn, maar gaat wat mij betreft over het zoeken naar hoe het is.
Schaduw, dat gaat over mogelijkheden, hoe het zou kunnen zijn. Met schaduw kan je meer kanten uit.
Vinnik.
Dat je heel klein bent maar een hele grote schaduw werpt bijvoorbeeld.
En dat je dan eigenlijk ook een soort van zo groot bent.
Tijdelijk.

Soms doe ik dat hier. Ik maak een stukje met een zonnetje erin, dat ik vol goede moed op stap ga en nieuwe dingen en bla bla bla.
En dan maak ik zo een mooie grote schaduw.
Maar eigenlijk ben ik dan nog steeds zo klein en kwetsbaar.

En weet je, het helpt!


| Anneke | 20-07-2007 | 8 reacties |




image

Het monument is ingepakt, het huis gesloten.
De tijd van stippen is voorbij.
Er is iets veranderd.
Alsof ik meer oog in oog sta met het verdriet.
De uitvluchtende handelingen zijn op.
Zo voelt het.

Maar ook dit: niet mijn hele hebben en houden kan in het teken van zijn tragische dood blijven staan.
Thomas moet nu in een andere vorm in mijn leven opgenomen worden.
De metafoor van de trein komt als geroepen.
De reis kan beginnen.
Op zoek naar nieuwe gewoonten die ik me aan kan meten,
andere plaatsen die ik thuis kan noemen.

Vandaag trok ik mijn gestippelde schoenen aan en ging op pad.


| Anneke | 09-07-2007 | 12 reacties |




Echt.

In de trein was het onrustig.
Bij wijze van uitzondering deed ik mijn oortjes in.
Ik hou er niet zo van om ze onderweg in te doen, omdat je de wereld ermee buitensluit.
Maar nu in de trein was het wel fijn.
Het was mooie muziek. Troostrijk maar tegelijk ook treurig.
Dat hangt af van waar je gedachten zijn.
Naast me verscheen een trein.
Ik zag alleen het voorste stuk.
De hoge hondekop met de machinist en een klein stukje coupé.
Er zat één jongen.
Zijn gezicht was neerwaarts gericht.
Hij keek niet op.
De trein haalde ons niet in.

Een tijdje reden we zo gelijk op.
De jongen las.
Ik keek naar hem.
Het had Thomas kunnen zijn.
Het kwam me voor dat het zo was.
Dat dit nu onze werkelijkheid was.
In aparte treinen.
Hij naar binnen gericht, zich niet van de buitenwereld bewust.
En ik die naar hem keek.
Zo zou het voortaan zijn.

De trein verloor snelheid.
En ik huilde.
Ik deed net of mijn neus bloedde. Of ik niet merkte dat een enkeling hier en daar naar me zat te staren.
Ik had mijn oortjes op, ze waren er niet. Niet echt.
Echt dat waren Thomas en ik
ieder in onze trein.


| Anneke | 08-07-2007 | 14 reacties |