AFLEVERING 634 - 17 april 2011
Bijzonder


Afgelopen week heb ik moeite gehad om het bijzondere ook als bijzonder te ervaren.
Menigeen zal de situatie bekend voorkomen: je maakt iets mee waarvan je wéét dat het bijzonder is, maar het gevoel dat daar bij hoort komt niet vanzelf over je.

Ik had het afgelopen week vrij ver van huis.
Op vakantie.
Ik ben op vakantie geweest.
Naar Jordanië en Israël.

Je vaart - met een groep - in een bootje over het Meer van Galilea, het meer uit de Bijbel, het meer van Jezus.
Er is veel over die man beweerd dat niet bewezen is, maar je weet vrij zeker: de historische figuur Jezus was hier vaak.
Wat je nu om je heen ziet, dit landschap, dat zag hij ook.
Hoe bijzonder.
Toch blijf je er vrij nuchter onder.

Later wandel je – als onderdeel van een flinke stroom toeristen - door een olijfgaard in Gethsemane, in Jeruzalem.
Hier, of ergens hier in de buurt, moet je dat verhaal van Het Laatste Avondmaal plaatsen.
Wonderlijk. Op die plek van toen, ben jij nu.
Maar het overdonderende gevoel blijft uit.

Een stuk verderop kuier je tussen de overblijfselen van de deels in de rotsen uitgehakte stad Petra, in Jordanië. Een krankzinnig decor van weer zo’n 2000 jaar oud, aangekleed met tamelijk eigentijdse souvenirkraampjes en met bedoeïen die je tegen betaling op hun kameel willen laten rijden.
Je weet dat je thuis hoofdschuddend zult kijken naar de foto’s die je hier maakt.
Wat een bijzondere plek.
Maar ook in dit decor moet je heel erg je best doen om je in te prenten dat je echt hier bent.

Waarom zou het zo moeilijk zijn om het bijzondere ook als bijzonder te ervaren?

Mijn gevoel zegt me dat je jezelf in de weg zit.
Waar je ook gaat, je neemt jezelf altijd mee.
En je ervaart jezelf toch in het algemeen als ‘gewoon’.

De bijzondere omgeving staat ook niet met zwaailichten en sirenes de aandacht te vestigen op het bijzondere.
Die omgeving is er gewoon.
Met een vrij grote vanzelfsprekendheid.
De omgeving was er al voordat jij kwam, en die zal er blijven als jij vertrokken bent.

En dan is er nog van alles dat je kan afleiden.
De muziek op de boot, de gids met zijn breedsprakigheid, de tijd waarop je terug bij de bus wordt verwacht.

De gids in Jordanië begreep de moeilijkheid, denk ik.
En hij had er een even eenvoudige als geniale oplossing voor. Een oplossing die voor mijn gevoel ook dichter bij huis te hanteren is.

Het was ergens halverwege een tocht per jeep door de Wadi Rum woestijn, een uitgestrekt gebied met reusachtige zandsteenformaties zoals in de Grand Canyon in Amerika.
Nadat we waren uitgestapt, riep de gids het hele reisgezelschap om zich heen.
Bijna alsof we zijn discipelen waren.

Nee, hij ging geen verhaal afsteken, zei hij.
Hij vroeg om vijf minuten stilte.
Vijf minuten niks zeggen.
Alleen maar luisteren, en om je heen kijken.

Kijken naar het onherbergzame landschap.
Luisteren naar de wind, en naar een paar vogeltjes in de verte.

Het waren vijf gedenkwaardige minuten.