AFLEVERING 622 - 16 januari 2011
Slaapkamergesprek


Afgelopen week heb ik thuis een curieus slaapkamergesprek gevoerd.
En dat na de nieuwjaarsborrel van Radio en TV Rijnmond.
Mijn vriendin was meegeweest en eenmaal in bed hadden we het er nog even over.
Sommige van de gezichten bij die borrel had ze wel herkend, andere waren nieuw voor haar. Zo links en rechts heb ik m’n vriendin een beetje bijgepraat. Ik vertelde haar bijvoorbeeld dat ik nog een tijd een zwak heb gehad voor een van de door haar gesignaleerde vrouwelijke collega’s.

Dat is een uitdrukking die ik wel vaker gebruik.
‘Een zwak voor iemand hebben.’

Ik geloof dat ik in het algemeen vrij gauw de aardige kant van mensen zie, en van vrouwen helemaal.
Daar ben je man voor.
Bijna elke vrouw kan me op een bepaalde manier wel ontroeren, of anderszins raken.
Iedereen heeft wel een bepaald soort schoonheid.

Openlijk tegenover je geliefde praten over de aantrekkingskracht van andere vrouwen is niet zo handig, heb ik geleerd. Mij maakt het allemaal niet zo veel uit, maar ik ben gaan inzien dat zoiets niet per se op prijs wordt gesteld. Dus temper ik mijn verder ongevaarlijke enthousiasme soms een beetje.

Maar in bed gebruikte ik die uitdrukking weer eens.
Dat ik vroeger een zwak had voor een zekere collega.
Of eigenlijk voor meerdere.

“Wat bedoel je daar precies mee, een zwak voor iemand hebben?” wilde mijn vriendin weten.

Ik moest diep nadenken om tot een goede formulering te komen. Uiteindelijk kwam er iets.
“Een zwak voor iemand hebben,” zo hoorde ik mezelf zeggen, “is een soort voorstadium van verliefdheid. Je zou op zo iemand verliefd kùnnen worden.”

Maar bij de betreffende collega, of collega’s, is het er nooit van gekomen. Zoals het er meestal niet van komt.
Het leven is te kort om achter al dat soort gevoelens aan te hollen. Nog los van de praktische complicaties.

Na mijn uitleg was het stil, naast mij in bed.
Toen sprak mijn vriendin de woorden: “Jij bent geloof ik toch wel de allerluiste rokkenjager die ik ken.”

We moesten er allebei om lachen.

Ik heb het ook maar opgevat als een compliment.