AFLEVERING 616 - 28 november 2010
I-phone

Afgelopen week heb ik voor 95 euro iets gekocht dat ik al bij voorbaat helemaal niet wilde hebben.
Het kwam door een akkefietje vlak na de uitzending van vorige week.
Ik was, grieperig en wel, met de auto.
En onderweg naar huis gebeurde er iets raars bij een verkeerslicht.
Ik trapte het koppelingspedaal in, hoorde ergens daar beneden krak! en het pedaal kwam niet meer terug.
Iets gebroken, leek mij.
En dan niet bij mij, maar bij de auto.

Met enige moeite heb ik ’t autootje een parkeervak ingedirigeerd, en daar heb ik de Anwb gebeld.
Die zouden hun best doen om binnen het uur bij me te zijn.
Wat ook lukte.

De jongen van de wegenwacht constateerde een gebroken kabel van de koppeling.

Hoe symbolisch.
Bijna pal voor de deur van het appartement waar mijn ex-vrouw onlangs naartoe is verhuisd: een gebroken koppeling.

De Anwb-man kon dit niet ter plekke verhelpen, dus zou hij mij naar de garage slepen. Nadat hij de sleepkabel had aangehaakt, dacht ik: ik bel even naar mijn vriendin thuis om te zeggen hoe het verloopt hierzo.
Maar ik kon mijn mobiele niet meer vinden.
In mijn zakken, op mijn stoel, op de stoel naast me, op het dahsboard, op de vloer van de auto: niks.
Misschien was mijn telefoon bij het opstaan naast de auto gevallen. Ik weer naar buiten. Kijken op de stoep, in de goot.
Maar toen maakte die jongen in z’n gele autootje al aanstalten om weg te rijden.
Hij had niet gezien dat ik even was uitgestapt.
Dus vliegensvlug weer achter het stuur, en daar gingen we.

Bij de garage heb ik de auto nogmaals binnenstebuiten gekeerd. Geen telefoon. En eenmaal terug op de plek des onheils zag ik ook niks.

Mijn i-phone was weg.

Bij het abonnement dat ik heb, heeft dit ding relatief weinig gekost, maar vervangen kon wel eens in de papieren lopen.

Auto kapot, telefoon kwijt.

Ik voelde me een beetje als de hoofdpersoon in een drakerig Amerikaans country-nummer. Zo’n nummer waarin iemand op één en dezelfde dag z’n werk, z’n vriendin en z’n huis kwijtraakt.
Lopend naar huis voelde ik ook een enorm grote beer zich in me nestelen. Een grote beer die heel erg verlangde naar een winterslaap.

Eenmaal thuis leverde het bellen van mijn mobiele nummer niks op. Hij ging niet over. Ik kreeg meteen de voicemail. Voor mijn gevoel duidde dat erop dat iemand te kwader trouw mijn i-phone in handen had.
Voordat ik op de bank neerplofte heb ik even de telefoon-provider gebeld om mijn sim-card te blokkeren.

En van de week heb ik me bij de winkel van die provider gemeld voor een ander toestel. Ik kwam terecht in een wereld die vooral wordt bevolkt door jongeren. Jongeren die hun mobieltje heel belangrijk lijken te vinden.

Een nieuwe i-phone was me inderdaad te duur.
Ik heb een wat eenvoudiger toestel aangeschaft.
Voor toch nog 95 euro.
Blij was ik er niet eens mee.

In het algemeen vind ik dat mensen heel aardig en vriendelijke met elkaar omgaan, maar zo’n akkefietje is even een deuk. En dan weet ik nog niet eens precies wat er is gebeurd.

Nou ja, mocht de dief of de oneerlijke vinder van een i-phone aan de Walenburgerweg naar de radio luisteren: ik heb nog een oplader. Gratis af te halen.